De laatste tijd is er veel belangstelling voor het paard in de kunst. Na de tentoonstelling over het steppepaard (Allard Pierson Museum), over de schilder van krijgspaarden Hermanus Koekkoek (1869-1929; Koekkoek Haus te Kleef ) valt er dit jaar het werk door George Stubbs (1747- 1806; Mauritshuis) te zien. De laatste kunstenaar brengt vooral de schoonheid en de gratie van het dier tot uitdrukking. De waardering voor het paard bestaat al sinds mensenheugenis. Men heeft bewondering voor de snelheid, de kracht, de intelligentie, het karakter, het dienstbare en het betrouwbare. Evenals bij een mens heeft het paard een hoofd en benen en wordt het verder als edel beschouwd. Die kwaliteit heeft ermee te maken dat de aristocratie zich vroeger bij voorkeur te paard verplaatste. Daarnaast was een geharnaste ruiter die zich ten strijde begaf een ridder, in het Frans een “chevalier”. De term ontwikkelde zich tot een adellijke rang. Er is dus een nauwe relatie tussen adeldom en het edele dier. Geslachten bij de Nederlandse adel met de titel van ridder zijn: Huyssen van Kattendijke, (Van) Rappard, Bosch van Rosenthal, De van der Schueren . En bij recht van eerstgeboorte: Van der Does de Bye, Von Devivere, Prisse. Bij geen enkele van deze families was de voorouder (in rechte lijn) echter werkelijk een ridder te paard. Het betreft steeds briefadel.

Omdat er weinig betrouwbare afbeeldingen van bestaan, is het lastig om een expositie te maken over het middeleeuwse strijdros. Die waren destijds niet zo groot (de stokmaat, hoogte van de rug, kwam op 1.35 tot 1.50 m). De rug was kort en de “compositie” van het paard was bol, of rond, en gedrongen. Latere rassen als de shire en de percheron zouden eruit voort komen. Bij die ontwikkeling moet ook op het barokpaard worden gewezen. Een goede indruk geeft de schilder Uccello met “De slag van San Romano” (1432). Met ruiterzegels aan oude oorkonden moet worden opgepast als bron van informatie. Een groot paard erop maakt de heer extra belangrijk. De weergave hoeft daarom niet realistisch te zijn.

In de Middeleeuwen bestonden er nog geen paardenrassen. De indeling ging op basis van bepaalde eigenschappen. Onder een destrier werd een robuust paard voor het gevecht verstaan, een courser was ook fors en daarbij snel, een rossier deed als lastpaard dienst. De termen werden echter niet eenduidig gebruikt. Men vindt bijvoorbeeld vermeld dat een destrier te nerveus zou zijn voor het gevecht en dat een courser er geschikter voor is. Het paard van Don Quichot heet Rosinante wat een subtiele zinspeling is op de rossier. Andere termen zijn palfrey voor een rij en een paradepaard, verder een hackney voor een damespaard en voor de draf. Bijgaande afbeelding toont de Franse koning Lodewijk XIV symbolisch als heerser. Hij zit verheven op zijn ongetwijfeld temperamentvolle hengst die echter gehoorzaam een levade maakt. De lengte van de koning is bekend, te weten 1.65 m. Merk op hoe ver de stijgbeugels onder de romp van het paard uitkomen. (De gravure door Jan Luyken is naar het schilderij door René Houasse uit 1673). De bolle vormen van het dier vindt men ook terug bij de rappe die Lodewijk XIV volgens de kunstschilder Mignart bereed na diens glorieuze inname van Maastricht (voorstelling uit 1673). Dit type paard zag men toen echter al minder vaak. Maar vergelijk nog “Het beleg van Besançon” door Adam van der Meulen een jaar later. Voor de 18e eeuw geven, naast de werken door Stubbs, de ruiterportretten door de Engelse schilder David Morier (1707-1770) een duidelijk beeld.

Titus von Bönninghausen

Literatuur
J. Bemmann e.a.: Paard en ruiter op de steppe van Mongolië (2012)
J. Hilkhuijsen: Hermanus Willem Koekkoek (1867-1929), schilder en illustrator van oorlog en vrede (2019)
L. van der Vinde: George Stubbs, de man, het paard, de obsessie (2020) K. van der Horst: Great books on horsemanship. Bibliotheca Hippologica Johan Dejager (2014)
J. Clark (uitg.): Medieval horse and its equipment, 1150-1450 (2004; archeologie) online
R. Hirschberg: Dextrarius – das grosse Ritterpferd (2011) online
E. Lorans (red.): Le cheval au Moyen Âge (2017) online
M. de Weerdt en J. Oldenbroek: Het paard in Nederland (2010; CGN-rapport, nr. 17) online

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.